Dierentuin in Cairo

Alweer jaren geleden waren we op vakantie in Egypte. Met bedoeïenen trokken we door de Sinaï, acht dagen sjokken bovenop kamelen. Of als je geen zin had, ernaast. Waarbij je er al snel achter kwam dat dat gesjok van de kamelen voor mensenkinderen zoals wij flink doorstappen betekende.

Voordat het zover was kwamen we de eerste avond aan in Cairo. De weg naar het hotel ging voor ons gevoel kriskras midden door de stad en na enige tijd passeerden we de dierentuin. Enkele kamelen stonden ons vanachter het hek aan te staren. Ze hadden uitgebreid de tijd want ook later in de avond vorderde de taxi maar langzaam in het drukke verkeer.

In eerste instantie vonden we dat helemaal geen gek gezicht, kamelen in een dierentuin. Maar al snel bedachten we ons toen op de snelweg, of iets wat daarvoor door moest gaan, een kar getrokken door een kameel ons meermalen probeerde in te halen. Een dag later, op weg naar de Sinaï, zagen we onderstaand tafereel:

We vonden het maar wat geestig. Kamelen bleken in Egypte alomtegenwoordig. Opeens vonden we eigenlijk wel gek dat ze ook in de dierentuin waren te vinden. In Artis staan immers ook geen Friese melkkoeien. Maar misschien dat er toch een goede gedachte achter zit.

Wij hebben ons in ieder geval kostelijk vermaakt in de Sinaï. Het is spijtig dat met de huidige stand van het land deze reis eigenlijk geen optie meer is. Aan de kamelen hebben we een heel goede herinnering overgehouden, al waren het dan niet de exemplaren die we die avond in Cairo zagen.

Vertraging met de trein

Als het even kan reis ik met de trein. Zeker naar het westen van het land, met alle bijbehorende files, is het een aangenaam vervoermiddel. Maar af en toe gaat het ook met de trein niet goed. De NS-app laat je gelukkig precies weten wat je te wachten staat:

Tegenwoordig wordt door de NS in de app aangegeven hoe groot de kans is dat je op tijd aankomt. Of niet? Want toen ik eens beter naar dit scherm keek zag ik dat de trein was vertraagd. En inderdaad; om 08:03 precies reden wij Schiphol binnen.  De kans dat ik op tijd, dus 07:55,   aankwam was echter ook nog steeds 100%. Dus volgens de app kwam ik tegelijkertijd om 07:55 en om 08:03 aan. Grappig. Leeft de NS in een parallel universum, vroeg ik mij af. Krijg ik zo op het perron de blauwe of rode pil aangeboden? Of ben ik in een verkeerde pagina van een boek van Stephen King terecht gekomen? Het spookte door mijn hoofd terwijl om mij heen koffers met mensen hun weg zochten naar de gates.

De percentages in de NS-app zijn gebaseerd op historische cijfers en het zou, ondanks mijn bedenkingen, toch zomaar kunnen kloppen. Want stel dat meer dan 99,5% van de treinen op tijd aankomt, dan zou het afgerond nog steeds 100% zijn. We hebben het dan over minder dan 1 op de 200 treinen.

Ik ben een beetje wantrouwig geworden. Hoe “waar” is dat aankomstpercentage eigenlijk? In ieder geval is de rest van de app over het algemeen zeer betrouwbaar en ik maak veel gebruik van. Jammer dat dat ene getalletje op het scherm het vertrouwen toch een beetje onderuit haalt.

Trump. Is alles al gezegd?

Trump is waarschijnlijk met afstand de president van de VS waarover het meest gezegd en geschreven is ooit. Tot nu toe dan, je weet maar nooit welke president nog komen gaat. Opvallend is dat in de media vaak negatief over Trump wordt geschreven. Zo lees ik graag het NRC en het aantal vierkante meters uitsluitend negatieve berichtgeving over Trump is langzamerhand niet meer te tellen.

Nu kun je veel op Trump aanmerken, dat is zeker. Hoe hij zich gedraagt, hoe hij zich uit, welke maatregelen hij voorstaat, je kunt het er volstrekt mee oneens zijn. Maar gek genoeg, nu de midterms aanstaande zijn, wordt er toch getwijfeld of de republikeinen of de democraten zullen winnen. En dat vind ik dan gek. Kennelijk zijn er heel veel, echt heel veel mensen, die Trump best wel een prima kerel vinden. Misschien juist wel door zijn onorthodoxe gedrag. Of vanwege de maatregelen die hij neemt, waar deze mensen 100% achter staan.

Ik constateer dat de berichtgeving die dagelijks tot ons komt behoorlijk afwijkt van wat kennelijk gemiddeld genomen onder de Amerikaanse bevolking leeft. En dat is een slechte zaak. Inderdaad, je mag Trump een absoluut dieptepunt in de Amerikaanse geschiedenis vinden. Maar tot nu toe is niet de 3e wereldoorlog uitgebroken en zijn ondanks de slechte verhouding met de pers in de VS nog geen kranten of nieuwsstations gesloten, journalisten opgepakt of vermoord. En, nog mooier; je kunt in de VS nog steeds luidkeels roepen wat je van Trump vindt. Vergelijk dat maar eens met de rest van de wereld. Ik ben zelf in genoeg landen geweest om te weten dat dat helemaal niet zo gewoon is in deze wereld. Zelfs in tamelijk sympathiek ogende landen kun je maar beter je mond houden over bepaalde politieke onderwerpen. Binnen no-time beland je in de gevangenis. In een cel naast journalisten die al eerder zijn opgepakt.

Ik moet zeggen dat ik het, vanuit Nederland, op een afstandje, met verwondering bekijk. Kennelijk is de VS zo’n sterke democratie dat ze zich een dergelijke president kunnen veroorloven. Over enige jaren komt er vanzelf weer een ander. Ook dat is in heel veel landen beslist geen zekerheid; genoeg heersers die zichzelf na benoeming voor de rest van hun leven in het pluche parkeren.

Ondertussen raken de verhoudingen verhard en verziekt. Voor het geval u denkt; dat is allemaal de schuld van Trump. Natuurlijk mag u dat denken. Het valt echter wel op dat mensen die hard tegen Trump ageren doorgaans wel van mening zijn dat mensen allemaal gelijk zijn, of op zijn minst gelijkwaardig. Met andere woorden, zou ik dan concluderen; dan zijn we dus allemaal Trump.

Daarnaast wordt toch ook wel angstwekkend veel geroepen, juist ook weer in het anti-Trump kamp, dat we niet moeten uitsluiten maar verbinden. Doe het dan ook, zou ik zeggen. Verbinding begint bij de eerste die zijn hand uitsteekt. “Maar niet naar Trump” hoor ik al in de reacties. Tja, als je alleen je hand uitsteekt naar je vrienden en al degenen waar je het toch al mee eens bent, dan maak je het jezelf wel heel makkelijk. Verbinden begint juist met degenen waar je het niet mee eens bent. En dan kan Trump inderdaad wel eens een heel grote uitdaging zijn, misschien wel de grootste. Begin eens met een aanhanger van Trump. Om mee te oefenen.

De pers, die mij het meeste stoort in de berichtgeving rondom Trump, zou eens bij zichzelf te rade moeten gaan welke rol zij spelen. Die van informatiebron of die van activist. Dat laatste kan heel goed zijn bedoeld maar leidt uiteindelijk tot afkalving van het vertrouwen in de pers. Een heel eenvoudige leidraad zou kunnen zijn: als in een land voor- en tegenstanders ongeveer 50%-50% zijn verdeeld, zorg dan ook voor berichtgeving die 50% negatief en 50% positief is. Dan kom je met Trump en de Brexit aardig uit. Maar bijvoorbeeld rondom klimaatverandering, waar toch geloof ik de meeste mensen wel van overtuigd zijn, is het dan helemaal geen bezwaar om 90% of 95% van de berichtgeving in lijn hiermee te brengen, terwijl nog maar een heel klein beetje ruimte is voor klimaatsceptici.

Ik gun de inwoners van de VS de president die ze zelf kiezen. Het is hun zaak, en er zijn in de geschiedenis al meerdere presidenten geweest waar achteraf de meeste inwoners van de VS niet zo blij mee waren. Er komt vanzelf een volgende. Het moet wel heel raar lopen als wij het als wereld niet overleven. Ondertussen moeten we ons niet gek laten maken en af en toe eens diep adem halen. Heel diep.

Afslag 356

We waren onlangs aan het rondtouren en rondwandelen in Spaans Baskenland. Op een zeker moment, we waren via de snelweg op weg van de een naar de andere plek in dit mooie gebied, passeerden we “Afslag 356”. Wow! dachten we meteen. Want onze afslag had nummer 150. Maar al snel begrepen we hoe afslagen hier worden genummerd. Niet opeenvolgend, dus afslag 1, dan 2, dan 3 etc. , maar aan de hand van het kilometerpaaltje van de snelweg bij de afslag. Handig, want toen wisten we meteen dat we nog een kleine 200 kilometer te gaan hadden.

Het Nederlandse systeem lijkt daarmee meteen in het nadeel. Want daaraan is niet te zien hoeveel afstand er tussen bijvoorbeeld afslag 3 en 4 zit. Een tweede nadeel is dat het lastig is later afslagen weg te halen of toe te voegen. Neem bijvoorbeeld Assen-Zuid. Ten behoeve van het TT-circuit is daar een aparte afslag toegevoegd aan de A28. Nummer 32a. Tja. Dat komt ervan als je de afslagen opeenvolgend nummert.

Maar, bij nader inzien, heeft het Spaanse systeem ook niet een nadeel? We hadden 200 km de tijd om erover na te denken. Zo rond de 120 gereden kilometers hadden we een steekhoudend nadeel bedacht. Want stel dat de snelweg wordt omgelegd? Wat toch niet geheel theoretisch is. Dan heb je opeens een paar kilometer snelweg meer of minder. Hoe dat op te lossen zonder alle afslagen te moeten hernummeren? We vroegen het ons de laatste 80 nog te rijden kilometers af.

Brexit

Het is het nieuws van de dag. De Brexit. Het aanstaande afscheid van de VK van de Europese Unie. Bijna zonder uitzondering zijn de berichten alarmerend en negatief. Met een lampje kun je af en toe een ander perspectief op de situatie vinden.

Nu ben ik op zichzelf voor Europa. Ondanks alle stroperigheid, soms ridicule zaken waar ze zich kennelijk mee bezig denken te moeten houden is het Europese project tot nu toe, onder de streep, naar mijn idee best een succes. Het kan zeker nog beter. Maar laten we niet vergeten dat wij er zelf uiteindelijk een succes of farce van maken. En niemand anders.

Dan de VK. Ik kan me nog herinneren dat ze in 1973 toetraden. Toen al niet helemaal van harte. In de jaren erna kon Margaret Thatcher, een roemruchte Engelse premier, behoorlijk tekeer gaan tegen de EU. Als ik een paar jaar geleden had moeten gokken welk land als eerste de EU zou verlaten, dan had ik ongetwijfeld de VK gekozen. En op zichzelf is het toch helemaal niet gek dat je graag bij een club wilt horen, maar dat je ook weer afscheid wilt kunnen nemen. Anders krijg je het effect van wat de Eagles al in 1977 zongen in hun nummer Hotel California: “You can check out every time you want, But you can never leave!”:

Wat me verder opvalt aan alle alarmerende berichten rondom de Brexit is dat het vooral gaat over economie en geld. De economie van het VK gaat eronder lijden, de in- en export van goederen loopt vertraging op of gaat teruglopen, zelfs vliegtuigen gaan misschien wel niet meer opstijgen. Tja. Degenen die met dit soort berichten strooien zijn gek genoeg niet degenen die op andere terreinen zo begaan zijn met de economie. Maar kennelijk is het een mooie stok om mee te slaan. Ik vind het maar raar. Ik geloof namelijk in het zelfbeschikkingsrecht van de inwoners van de VK. Dat is denk ik veel krachtiger dan een paar procent economische groei meer of minder. Volgens mij kun je beter iets armer zijn en het gevoel hebben vrij te zijn, dan rijk en het gevoel hebben in een keurslijf te zitten dat je niet zint.

Het andere treurige argument is dat van de juistheid en geldigheid van het referendum: het zou oneerlijk zijn verlopen, mensen zijn voorgelogen, ….. zucht. En natuurlijk moet er daarom volgens sommigen een nieuw referendum komen. En als die nog niet het gewenste resultaat geeft, vast nog eentje. Wat een slecht verliezer ben je dan.

In plaats van in te hakken op voldongen feiten, zou ik zeggen; laten we er wat van maken. De toekomstige inwoners van de EU, samen met alle inwoners van de VK. Of ze nu voor of tegen de Brexit waren. Mijn voorspelling voor de komende jaren: die Brexit kan nog wel eens heel goed gaan uitpakken voor de VK. Ondanks het feit dat ik het echt wel een beetje jammer vind dat ze gaan, gun ik ze hun eigen keuze van harte.

Bevroren koeien

Alweer een dik half jaar geleden waren we aan de wandel. Nu doen we dat vaker. In dit geval was het op vakantie in Colombia, in de jungle, bij een temperatuur van ruim boven de 30 graden en een de luchtvochtigheid die voelde als boven de 100%. Maar we hadden een internationaal gezelschap en veel plezier.

Zo was een echtpaar dat de trektocht ook tot een goed einde trachtte te brengen afkomstig uit Saskatchewan. U zult misschien zeggen, eh…nog nooit van gehoord. Wel, het is een provincie in Canada met een bescheiden 1 miljoen inwoners. In oppervlak groter dan Frankrijk.

Maar goed, we raakten zo gaandeweg de vier dagen van de trektocht af en toe aan de praat en het bleken van beroep veeboeren te zijn. Dat was een aardig gespreksonderwerp, want terwijl wij in Colombia dus in die dik 30 graden verbleven, was de temperatuur in Saskatchewan op dat moment het omgekeerde: -30 graden. De stoere koeien daar, die bleven echter gewoon buiten. Ik zat te fantaseren dat ze aan het eind van hun leven zo de diepvriezer in konden lopen. En hoe het met het melken ging, daar hebben we het eigenlijk helemaal niet over gehad. Wat die Canadese boer dan wel weer aardig vond om te horen is dat in Nederland de koeien bij 5 graden op een holletje naar de stal gaan. Om daar te blijven tot in mei het zonnetje weer lekker schijnt.

Saskatchewan, misschien gaan we er nog wel eens heen. Maar weet u waarom ik opeens weer moest denken aan bovenstaande? Dat komt omdat ik op YouTube bij toeval op onderstaande terecht kwam:

Ook afkomstig uit Saskatchewan. Veel plezier!

Als je blijft doen wat je altijd hebt gedaan, blijf je krijgen wat je altijd hebt gekregen

Deze week kwam ik het op LinkedIn weer tegen. Deze, inmiddels ietwat belegen, uitspraak:

“Als je blijft doen wat je altijd hebt gedaan, blijf je krijgen wat je altijd hebt gekregen”

Mijn aloude kriebel speelde weer op: ‘Is dat nu wel zo’? En al snel wist ik twee situaties te verzinnen waarin deze uitspraak in ieder geval niet opgaat:

  1. Ik woon in een landelijk gebied met boeren en landbouwers. Naast weilanden vol met tevreden herkauwende koeien zijn er dus ook genoeg velden vol met opgroeiende aardappelen en mais te vinden. Maar als je jaar in jaar uit op hetzelfde veld aardappelen verbouwt, dan zal je na enige jaren zeker niet meer krijgen wat je de eerste jaren hebt gekregen.
  2. Een schrijver schrijft jaar in jaar uit boeken. Elke keer een ander thema, maar wel in dezelfde stijl, zelfde omvang….en elk jaar met hetzelfde magere resultaat. Tot in het elfde jaar…een boek een bestseller wordt. En de schrijver vraagt zich af; ben ik nu gek?

Met andere woorden, als je hetzelfde blijft doen, dan hoeft het resultaat helemaal niet hetzelfde te zijn. Dat hangt uiteindelijk ook af van de andere factoren die dat resultaat beïnvloeden. Toch gebruik ik de uitdrukking zelf ook wel eens. Om aan te geven dat er soms echt iets anders moet. Omdat je een ander resultaat wilt. En als zo’n uitspraak dan helpt om mensen de ogen te openen…

Stilstaan is verdwijnen

Ik las een artikeltje dat mij behoorlijk tegen de haren instreek. Het ging over de noodzaak voor bedrijven om verder en sneller te digitaliseren.

Laat ik met een positief onderdeel uit het artikel beginnen. Er wordt op gewezen dat bedrijven die inmiddels al een jaar of 20 bezig zijn met technologie, nog steeds geen voorsprong hoeven te hebben. Dat is waar. Er zijn genoeg bedrijven die erg achteroverleunen en daardoor de kans lopen links en rechts te worden ingehaald. Dat is altijd zo geweest, en zal in de toekomst niet anders zijn. Op dit moment moet je inderdaad computertechnologie zeker in de gaten houden (maar niet als enige, denk ook eens aan de ontwikkelingen op biologisch gebied, in de gezondheidszorg).

Verder moet ik eerlijk zeggen dat ik langzamerhand wel een beetje kriegelig wordt van dit soort artikelen. Ten eerste is er een sterk onderscheid te maken tussen digitalisering (het in digitale vorm gieten van iets, zoals bijvoorbeeld een factuur) en automatisering (het vervangen van menselijk handelen door machines). Digitalisering op zichzelf geeft in de praktijk nauwelijks tot geen winst. Automatisering wel. Die twee totaal verschillende termen worden vaak op een hoop gegooid met als resultaat: geen focus.

Verder komen altijd dezelfde namen: Facebook, Google, AirBvB etc. voorbij. Natuurlijk zijn dat grote successen. Maar hoeveel werkgelegenheid brengen al die bedrijven samen in de wereld voort? Dat stelt helemaal, maar dan ook helemaal niets voor. En ze zijn ook alleen heel sterk op een heel specifiek segment; digitale producten en diensten. Stel dat Google zou willen concurreren met Nederlandse banketbakkers. Dus Google gaat lekkere taarten maken en bezorgen. Dan wordt het een heel ander verhaal. Of Google gaat fietsbanden plakken. Of Google gaat huizen metselen. Of aardappelen verbouwen. Met andere woorden, in de fysieke wereld, de wereld waarin wij leven en die van het allergrootste belang is, hebben die bedrijven helemaal geen rol. Ja, natuurlijk kun je iets digitaals toevoegen aan fysieke producten, of je kunt iets doen aan marketing of het afhandelen van de betaling. Spannend. Maar de kern, het fysieke product zelf? Ik zie het niet. En laten we dat niet vergeten.

Tot slot, om over na te denken: Stel dat een bedrijf al een dikke 20 jaar bestaat. Dan wordt al snel gezegd: dat bedrijf zit in de gevarenzone. Ik denk meteen aan Google (opgericht 1997). Of, nog veel erger, een bedrijf bestaat inmiddels een dikke 40 jaar. Ten dode opgeschreven natuurlijk, zo’n bedrijf. Ik denk aan Apple (opgericht in 1976).

Let wel, ik ben een techno-optimist. Ik geloof in computertechnologie en de zegeningen ervan. Maar die technologie draait ons niet dol. Dat zijn de mensen die elke keer weer spookverhalen ophangen over de effecten van computertechnologie.

Het goede en het juiste

Het is alweer jaren geleden. Onze dochter was een jaar of 10. Zoals dat wel eens gaat kwam het gesprek op “later”.

‘Wat wil je later worden? ‘ vroeg ik belangstellend en ik realiseerde me dat waarschijnlijk al miljoenen ouders dat aan hun kind hadden gevraagd.

‘Iets met dieren,’ rolde er direct op besliste toon uit.

‘Ah, ‘ zei ik. ‘Wordt slager.’ Ik moet zeggen, het floepte er zomaar uit, maar u kunt zich de reactie van mijn dochter voorstellen.

Nu ik er zo eens op terugkijk: het was beslist een goed antwoord. Maar of het ook het juiste was…

Is internet stuk?

Afgelopen zondag was Marleen Stikker te gast in Zomergasten. Het bleek geen kijkcijferkanon, maar ik vond het een interessante uitzending. Met name haar verfrissende en heldere kijk op de wereld vond ik heel plezierig. Zoals bijvoorbeeld het onderscheid dat ze maakte tussen werkelijkheidmensen en mogelijkheidsmensen. Bovendien waren er verrassende filmfragmenten te zien en dat is zeker een belangrijk ingrediënt voor een interessante uitzending van Zomergasten.

Aan de andere kant hoorde ik de hele uitzending wel iemand die met zoveel woorden zei dat “internet vroeger beter was”. In de jaren 90 van de vorige eeuw werd internet namelijk bevolkt door heel veel goed-mensen. Je kon zonder firewalls, virusscanners en, tegenwoordig ondenkbaar, zonder vrees je computer koppelen aan internet. Reclame was afwezig, met andere woorden, Utopia lag onder handbereik. Ik had in die tijd ook al een internetverbinding en op 1 september 1996 ging mijn eerste eigen website de digitale lucht in. Stelde niets voor, maar het was wel een van de zeer weinige in Nederland op dat moment. Het was een heerlijke tijd, de positiviteit spatte er vanaf.

Toch heb ik in die tijd al eens ergens geschreven dat internet op termijn zou gaan lijken op de werkelijke wereld. Inclusief al haar lelijkheid. Nu doe ik wel eens vaker voorspellingen, en die komen (gelukkig) lang niet altijd uit. Maar deze is maar al te waar gebleken. Wat Marleen Stikker eigenlijk wenste is dat internet weer in handen moet komen van collectieven, van burgers en een beetje overheid als toetje erbij. Tenminste, ze was opvallend positief over het model in Barcelona, waar de politiek zich intensief schijnt te bemoeien met technologie.

Als ik kijk naar internet dan zie ik de macht van grote bedrijven. “The winner takes it all” blijkt op internet maar al te waar. Facebook, Google, Airbnb, ga zo maar door. Maar wat is er feitelijk aan de hand? Laten we eens de boeman van dit moment nemen: Facebook. Ik zit niet op Facebook, maar ik ben ook niet erg anti. Gezien het gebruik van Facebook zijn er kennelijk veel mensen die deze app waarderen. Maar privacy dan?, hoor ik u zeggen. Tja. Facebook verzamelt heel veel data over iedere gebruiker. Maar waarom eigenlijk? Als je daar over nadenkt is de conclusie doodsimpel. Facebook doet al die moeite uitsluitend…om geld te verdienen. Want hoe meer data, hoe beter de reclame die ze op je af kunnen vuren. Niets meer, niets minder. En zo doen al die bedrijven dat. Simpel, geld verdienen. Zodra ze morgen geen geld meer op die manier binnen zouden kunnen hengelen, zouden ze a la minute alle servers met al die data uitzetten. Scheelt een hoop kosten.

Vergelijk dat laatste nu eens met het handelen van veel overheden over de hele wereld. Steeds meer geluiden gaan op om internet te controleren, op te schonen van bepaalde inhoud die illegaal, voor sommigen beledigend, schokkend, ongeschikt of wat dan ook is. Of om in sommige landen inhoud te verwijderen die de overheid zelf niet zo goed uitkomt. En voor dat laatste hoef je echt niet naar heel obscure landen te kijken. Steeds meer stabiele landen met een functionerende democratie, die toch wel een stootje kunnen hebben zou je zeggen, nemen maatregelen die de roemruchte vrijheid van meningsuiting, die juist door internet een grote vlucht heeft genomen, flink kunnen bedreigen.

Ik moet eerlijk zeggen dat ik minder moeite heb met een bedrijf dat data van mij wil vergaren met als enkel doel geld te verdienen, dan met een overheid die er notabene voor ons is maar toch langzamerhand grip op internet probeert te krijgen. Terwijl ik toch echt een grote voorstander ben van een goed functionerende, sterke overheid. Maar op dit vlak… het helt mij net iets teveel de verkeerde kant op.

Laat ik eindigen met een van de verworvenheden van internet. Gewoon, mijn ervaring van vandaag. Ik was een beetje aan het rondstruinen op YouTube en vond:

Had ik zonder internet nooit gevonden. Dus bij deze: Internet kan nog veel beter. Maar het is zeker niet stuk.